Geschiedenis - Doetinchem

Doetinchem is ontstaan op de plaats waar de Slinge in de Oude IJssel stroomt. Het oude stadje is omgeven door akkers, weiden en uitgestrekte bossen. Waar de naam Doetinchem vandaan komt, is niet zeker.

De oudste vermelding stamt uit 838: in een document is sprake van 'villa Duetinghem', een nederzetting met een kerk. Doetinchem verwierf het recht om een stadsmuur met poorten te bouwen rond het jaar 1100. In 1236 kreeg Doetinchem stadsrechten van graaf Otto II van Gelre en Zutphen. In 1672 is de stadsmuur grotendeels afgebroken. In de tweede helft van de 19de eeuw verdwenen de poorten en werd een groot deel van de stadswal weggehaald.

Behalve door bezettingen werd Doetinchem ook getroffen door rampen. In 1527 brandde de stad bijna helemaal af. Daarnaast werd de stad regelmatig getroffen door overstromingen.

Op 19, 21 en 23 maart 1945 bombardeerden de geallieerden per abuis de binnenstad van Doetinchem. De bombardementen waren voor de Duitse grensplaatsen Isselburg en Anholt bedoeld. De vergelijkbare ligging van Doetinchem aan de Oude IJssel had deze verwarring veroorzaakt. De binnenstad is hierdoor voor het grootste deel verwoest. Slechts een deel ervan is weer opgebouwd, waaronder de Catharinakerk en de Gasthuiskapel (Lutherse kerk). Alleen deze kerken, de Walmolen, het Gevang en het stadsmuseum herinneren nu nog aan vroegere tijden.

Opties