Geschiedenis - Harlingen

Omstreeks 800 lag hier op een kwelderrug en terp het dorp Almenum, dat door de Noormannen was gesticht.

Omstreeks 1157 sticht Eilwardus Ludinga het klooster Ludingakerke in het dorp Almenum. De monniken groeven grachten om de handelsvaart beter mogelijk te maken. De buurt ten westen van Almenum, Harlingen, wordt daardoor zó belangrijk dat deze in 1234 stadsrechten krijgt (één van de Friese elf steden). Noordwestelijk van Harlingen ligt dan nog de stad Griend (met poorten, grachten en zelfs een hogeschool). In 1287 wordt Griend tijdens noodweer grotendeels verzwolgen door de zee. Nu is Griend nog slechts een zandplaat in de Waddenzee.

De naam Harlingen is vermoedelijk afkomstig van de state Harlinga. De Zuiderzeehaven werd vanaf 1644 thuishaven van de Friese Admiraliteit.

Van 1600-1800 voeren vanuit Harlingen schepen uit om walvissen te vangen. Tussen 1634-1664 werd Harlingen daardoor een rijke stad, maar er waren er tenslotte zo weinig walvissen dat de opbrengsten van de walvisvaart te summier waren.

In de 19de eeuw werden de havens opnieuw uitgebreid.

Opties